Project Mittelstadt - Besturing

Geschiedenis Baanplan Bouw Besturing

Home
Nieuws
Modelbaan
Materieel
Projecten
Links
Updates
E-mail

 

Digitaal systeem
Als digitaal systeem heb ik gekozen voor Twin Center van Fleischmann. Het Fleischmann Twin Center is een meertalige centrale en beheerst zowel Fleischmann FMZ als DCC (Digital Command Control). DCC is een internationale standaard voor digitale meertreinenbesturing volgens de NRMA. Het Twin Center is ontwikkeld door Fleischmann en Uhlenbrock en bezit onder andere ook een ingebouwde PC-interface.

Het systeem voor mijn baan bestaat nu uit het Twin Center, een Twin Booster (6807) en twee 72VA transformatoren (6812). Een 45VA transformator (6811) verzorgt de voeding (wisselspanning) van de wissels.

Om straks makkelijk te kunnen rangeren ter plaatse van de draaischijf zal aan deze zijde van de baan een Fleischmann Twin Box (6827) met een extra  handregelaar (6812) aangesloten worden.
 

Decoders
Voor het detecteren van de treinen gebruik ik Viessmann terugmelddecoders met railbezetmelder (5233). Deze zijn op de S88-bus van het Twin Center aangesloten. Per decoder kunnen er acht railsecties aangesloten worden. Al het stroomverbruikende materieel op deze secties wordt gedetecteerd en teruggemeld aan het Twin Center. Deze geeft op zijn beurt de gegevens weer door aan de PC.

Voor het aansturen van de wissels gebruik ik Viessmann DCC wisseldecoders (5212) en Littfinski S-DEC-4-DC wisseldecoders. Per decoder kunnen er vier wissels aangestuurd worden.

 
Tip:
Via de mail heb ik al een aantal malen vragen gehad over het aanmelden van Viessmann 5212 wisseldecoders op het Twin Center. In principe is dit wel uit de handleidingen van beide producten te halen, maar hieronder zal ik proberen één en ander te verduidelijken. Voorwaarde is wel dat alles correct volgens de handleidingen is aangesloten. Het aanmelden van een wisseldecoder (Viessmann 5212 of Littfinski S-DEC-4-DC) op het Twin Center gaat dan als volgt:
- [menu]-toets indrukken
- [mode]-toets indrukken
- Blader naar "Wisselinst." met [↓]-toets
- Bevestigen met [→]-toets
- Blader naar "Virtuele adressen" met
[↓]-toets
- Bevestigen met [→]-toets
- In de kolom "Vadr" het virtueel adres van het wissel opgeven. 1 is bijvoorbeeld toetsengroep 1 in de gebruikersmode "Keyboard", 2 is toetsengroep 2 enz.
- Bevestigen met [→]-toets
- In de kolom "Dadr" geef je het digitale adres van de wisseldecoder op. Begin voor de eerste 4 wissels bijvoorbeeld met 1, de volgende 4 wissels met 2 enz.
 
Let op: Het adres van een wisseldecoder mag niet overeen komen met het adres van een locdecoder.
- Bevestigen met [→]-toets
- In de kolom "Uit" de uitgang van de wisseldecoder opgeven. Wissel 1 uitgang 1, wissel 2 uitgang 2, wissel 3 uitgang 3 en wissel 4 uitgang 4. Wissel 5 is dan weer
  uitgang 1 van wisseldecoder 2 enz.
- Bevestigen met [→]-toets
- In de kolom "DF" het data formaat opgeven. In geval van de Viessmann 5212 of de Littfinski S-DEC-4-DC is dit "D" van DCC.
- Alle gegevens bevestigen met de [enter]-toets.

Voor één wisseldecoder met vier uitgangen moeten bovenstaande handelingen dus vier keer doorlopen worden. Als dat gebeurd is zijn als het goed is de posities 1 t/m 4 in de gebruikersmode "Keyboard" veranderd van "/" in "▀".

Tot slot moet dan de wisseldecoder zelf nog geprogrammeerd worden. Hiervoor moet het Twin Center in de gebruikersmode "Keyboard" staan. Het programmeren van de wisseldecoder gaat dan als volgt in zijn werk:
- Rode [Adress]-toets indrukken bij de Viessmann wisseldecoder en [S1]-toets indrukken bij de Littfinski wisseldecoder. De wisseldecoder gaat in de
  programmeerstand en de op uitgang 1 van de wisseldecoder aangesloten wissel gaat langzaam heen en weer schakelen.
- [1]-toets indrukken voor bijvoorbeeld wisseldecoder 1 en [7]-toets indrukken voor wisseldecoder 2. De toetsen 1t/m 4 of 5 t/m 8 worden dan automatisch toegekend.
- Bij de Viessmann wisseldecoder wordt de programmeerstand automatisch afgesloten. [S1]-toets indrukken om de programmeerstand van de Littfinski
  wisseldecoder af te sluiten.

Als het goed is moeten de 4 wissels op de wisseldecoder nu met het Twin Center te bedienen zijn.


Voor het aansturen van de seinen ga ik gebruik maken van Littfinski DatenTechnik (LDT) LS-DEC-DB lichtseindecoders. Per decoder kunnen er vier 2- of 3-kleurige of twee 7-kleurige seinen aangestuurd worden.

Ter plaatse van de draaischijf ontstaat een polariteitprobleem, waardoor er kortsluiting ontstaat bij het 180 graden draaien van de draaibrug. Dit probleem is op te lossen met een keerlusmodule, maar in mijn geval ga ik dit oplossen met de ingebouwde keerlusschakeling in het Fleischmann Twin Booster (zie onderstaande schema).
 


Schakeling draaischijf met Twin Booster (Schema: www.fleischmann.de)
 

 

De locomotieven en treinstellen zijn voorzien van Kuehn- (T125 of T145), Lenz- (1025 of Silver) of Zimo- (MX63R of MX64R)decoders. Deze decoders zijn allemaal voorzien van lastregeling ("cruisecontrol"). De lastregeling zorgt voor een constante snelheid van de treinen, ook op hellingen, in scherpe bogen en bij lage snelheden.
 

 

Software
De daadwerkelijke besturing van de baan wordt geregeld met behulp van het programma Koploper. Dit programma is geschreven door Paul Haagsma en gratis te downloaden op zijn site. Om alle functionaliteiten te kunnen gebruiken dien je je wel bij Paul te registreren als officieel gebruiker.

Koploper kan de gehele treinenloop voor zijn rekening nemen. Alle treinen, wissels en seinen worden dan automatisch door Koploper aangestuurd. Het is echter ook mogelijk bepaalde gedeelten van de baan of bepaalde treinen handmatig aan te sturen.
 

 

 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 21 augustus 2008